Klein campanologisch lexicon

 

A

Aanrakingsoppervlak
Aanslagtempo
Akoestiek
Appeelkens

B

Bandspeelwerk
Banklok
Beiaard
Beieren
Bezwering
Bijenkorfmodel
Bim-bameffect
Bladveer
Boventonen
Broeksysteem
Brons

C

Campanologie
Change-ringing

Chung
Computerspeelwerk
Contacttijd
Corrosie


D

Doop
Draadregelaar
Dynamische gelijkvormigheid

E

Echowerking
Elektromagnetische hamers
Evenredig zwevende stemming

G

Galmborden
Gelui
Gietproces

H

Handbel
Hergieten
Hollandse speelwijze

J

Jaquemart

K

Klankkleur
Klavier
Klepel
Kleppen
Klok
Klokkenkamer
Klokkenspel
Klokkenstoel
Kroon

L

Lantaarn
Lassen
Luidas
Luiden
Luisterplaats

M

Metaalkwart
Middentoonstemming
Mobiele beiaard

N

Nagalm
Nola

O

Oefenklavier
Opschrift
Ornamentiek

P

Partiaaltonen
Patina
Pianoklavier
Pinkbeschermer
Profiel
Punthoedmodel

R

Rammel
Repetitieveer
Restaureren

S

Scheur
Sierringen
Sjabloon
Slagtoon
Speeltrommel
Stemmen
Stemming
Stift
Stormklok
Suikerbroodmodel

T

Temperatuur
Terts
Toonzuiverheid
Tractuur
Transpositie
Tremolospel
Trillingsfiguren
Tuimelaarsysteem
Tuimelklepel

U

Uitklinktijd
Uurklok

V

Valse klok
Verloren-wastechniek
Versteeklat
Versteken
Vlaamse speelwijze
Voorslag

W

Wekkering
Wind
Wisselluiden

Z

Zweving